NEDERLANDS 03

194 Questions

 Word/Question  Answer 1  Answer 2
0,25f-Stück het kwartje
Alkohol de alcohol
als (Komperativ) dan
am liebsten het liefst
am Meer aan zee
ankommen aankomen
Aperitiv het borreltje
Apfelsaft het appelsap de appelsap
Armbanduhr het horloge
ausmachen uitmaken
Ausrede het smoesje
Baguette het stokbrood
Becher de beker
beide allebei
beinahe haast bijna
Bier het bier
bitte alstublieft alsjeblieft
bitter bitter
Brot het brood
Brotbelag aus Schokoladenstreuseln de hagelslag
Brötchen het broodje
Chips de chips
Cola de cola
Darf ich ...?, Kann ich ... haben? Mag ik... Mag ik ...
Das ist mir egal Het maakt mij niet uit Het maakt me niet uit
das macht nichts dat geeft niet
der Wecker klingelt de wekker loopt af
dort daar
du fährst mit dem Auto je rijdt met de auto
dunkles Brot het bruine brood
dürfen mogen
Durst de dorst
einen Kurs besuchen een cursus volgen
Eis het ijs het ijsje
Erdnussbutter de pindakaas
Es geht nichts über einen Hering Er gaat niets boven een haring
es ist sieben Uhr het is zeven uur
essen eten
Essen het eten
Essig de azijn
etwas iets
Fahne, Flagge de vlag
fahren rijden
finden vinden
Fisch de vis
Fischhändler de visboer
Flasche de fles
Fleisch het vlees
fragen vragen
frisch (Hemd) schoon
frisch (Luft) fris
frisch (Obst) vers
frühstücken ontbijten
fünf nach sieben vijf over zeven
für voor
Gebäck, Kuchenstück het gebak
geben geven
geizig gierig
gelb geel
Gelbe Paprika de gele paprika
gemischter Salat de gemengde salade
gerne essen lusten
Geschmack de smaak
Gewürze de specerijen
Glas het glas
grün groen
Gurke de komkommer
Guten Appetit Eet smakelijk Eet u smakelijk
Haben Sie reserviert? Hebt u gereserveerd? Hebt u gereserveerd
Hagelslag zur Geburt eines Kindes de muisjes
Hering de haring
herrlich heerlijk
hier hier
Hunger de honger
Hut de hoed
ich wähle ik kies
Jacke de jas
jetzt nu
jung jong
Kabeljau de kabeljauw
Kaffee de koffie
Käse de kaas
Katze de kat
Kind het kind
klirren, klingeln, klimpern rinkelen
Knoblauch het knoflook
Kopfsalat de kropsla
Kräuter de kruiden
Kuchen, Torte het taart
Lärm, Krach het lawaai
laufen, gehen lopen
Leiche het lijk
lieber liever
Lieblingsgetränk de lievelingsdrank
Limburger Kuchen-Spezialität de vlaai
Menü het menu
Milch de melk
Milchkaffee de koffie verkeerd
Mineralwasser de spa
Molkereiprodukt het zuivelprodukt
müssen moeten
Naschkatze de zoetekauw
natürlich natuurlijk
nehmen nemen
nichts niets
Nudeln de macaroni
nur maar
Ober de ober
oder of
oder?, was? hè?
ohne zonder
Ohrring de oorbel
Öl de olie
orange oranje
Orangensaft de sinaasappelsap het sinaasappelsap
Orangensaft, frisch gepresst de jus d'orange
Paprika de paprika
Pfeffer de peper
Pils het pils de pils
Pilz de paddestoel
Pommes Frites de friet
prächtig, wundervoll, wunderbar prachtig
prima, toll, lecker lekker
Prost proost
putzen schoon maken
Radieschen het radijsje
Radler (Getränk) het sneeuwitje
reservieren reserveren
Restaurant het restaurant
Rosinenbrötchen de krentenbol
rot rood
sagen zeggen
Sagen Sie nur, was Sie möchten. Zegt u het maar. Zegt u het maar
Sahne de room
Salat de sla
Salatkopf de krop sla
Salatköpfe de kroppen sla
Salz het zout
salzig zout
sauer zuur
Schal de sjaal
Schinken de ham
schmecken smaken
Schnaps de borrel de jenever
Schnittlauch het bieslook
schön, hübsch mooi
Schüssel, Schale de kom
Senf de mosterd
sich bedanken bedanken
sich freuen auf zich verheugen op
sich übergeben overgeven
sich unterscheiden verschillen
sitzen zitten
so zo
sofort, gleich zo
sparsam zuinig
Speisekarte de menukaart
staunen über zich verbazen over
süß zoet
Tagesgericht de dagschotel
Tasse het kopje
Tee de thee
Terrasse, Straßencafé het terras
teuer duur
Tisch de tafel
Toast de tosti
Tomate de tomaat
Tonicwasser de tonic
tragen dragen
Uhr de klok
unter der Woche door de week
viertel nach sieben kwart over zeven
viertel vor acht kwart voor acht
Viertelstunde het kwartier het kwartiertje
von mir aus schon van mij wel
vorbereiten voorbereiden
wählen kiezen
wahrscheinlich waarschijnlijk
Wasser het water
wehen, flattern wapperen
Wein de wijn
weiß wit
Weißbrot het witte brood
werfen, schmeißen gooien
zeigen laten zien
Zeitschrift het tijdschrift
Zeitung de krant
Zitrone de citroen
zu Ihnen bij u
Zucker de suiker
Zunge de tong
zwanzig nach sieben tien voor half acht
zwanzig vor acht tien over half acht
Zwiebel de ui het uitje

Created by EasyTrain